Bep Voskuijl en Anne Frank

De families Frank, Van Pels en Pfeffer, die tijdens de Tweede Wereldoorlog in het wereldberoemde Achterhuis ondergedoken zaten, werden van buitenaf ondersteund door een aantal helpers. Eén van hen was Bep Voskuijl, een jonge kantoorbediende.

Hoewel Anne Frank aangeeft zeer op Bep Voskuijl (Elli Vossen in haar Dagboek) gesteld te zijn, is haar rol in de naoorlogse geschiedenis onderbelicht gebleven – tot nu.

De jonge Belg Jeroen De Bruyn raakte gefascineerd door deze veelal stille, zwijgende helpster. Samen met Joop van Wijk, de jongste zoon van Bep Voskuijl, is dit boek geschreven. Het toont aan de hand van nieuwe getuigen en uitgebreid bronnenonderzoek ondermeer hoe een 23-jarige vrouw, de evenknie van Miep Gies – en haar vader Johan Voskuijl – de maker van de draaibare boekenkast, betrokken raakten bij misschien wel de meest bekende onderduik ter wereld en hoe de krankzinnige oorlog haar leven nog decennialang beïnvloedde.

Bestellen

– Vul in het vakje ‘omschrijving’ uw naam en adres in op het overschrijvingsformulier van uw bank.
– Maak voor verzending (incl. verzendkosten) binnen Nederland € 20, — en binnen België € 25, — over op rekening: NL04 RABO 0366028707 t.n.v. J.H. van Wijk.

Het boek wordt u daarna desgewenst gesigneerd en met een opdracht toegestuurd.

DE BIOGRAFIE

Een aanvulling op het Dagboek van Anne Frank

Jeroen – toen 15 jaren jong (2009) – is de initiatiefnemer van deze biografie. Aanvankelijk coördineerde Joop het wordingsproces namens de familie, maar is na ca. drie jaar (2012) intensief betrokken bij het gehele proces en is destijds bovendien actief geworden als co-auteur. Het project heeft vanaf het onderzoek tot aan de publicatie op 7 april 2015, ruim vijf jaar in beslag genomen. Er zijn ca. 100 relevante boeken en artikelen gelezen en ons boek vermeldt 550 noten en bronnen.

De biografie is dan ook een aanvulling op het Dagboek van Anne Frank:

  • Nieuwe wederwaardigheden van het leven in en om het Achterhuis, bezien door de bril van de jongste helpster.
  • Twee nieuwe, authentieke getuigen.
  • Onbekende gegevens over de dag van de arrestatie (4 augustus 1944).
  • De Dagboeken van Anne Frank zijn anders dan publiekelijk bekend op verschillende momenten en niet op de dag van de arrestatie gevonden.
  • Een nieuwe verdachte van het verraad kan worden toegevoegd.

 

Intensieve samenwerking met de Anne Frank Stichting

Jeroen en Joop hebben vanaf het prille begin van dit project aan tafel gezeten met de Anne Frank Stichting (AFS). Zij ontvingen een stipendium van het Anne Frank Fonds in Bazel.

Tijdens de intensieve samenwerking werd het te publiceren manuscript meerdere malen ter beoordeling aan de AFS voorgelegd. Voor de auteurs volstrekt onverwacht, keurde de AFS de biografie via haar website en via Het Parool af. Alle landelijke dagbladen namen de inhoud van dat artikel over zonder nuancering en zonder wederhoor met de auteurs: het zou een slechte verraadtheorie zijn.

De auteurs ontvingen overigens tijdens hun overleg-sessies met de Anne Frank Stichting geen enkele kritiek op dit onderdeel(tje) van het boek (12 van de 256 pagina’s). Twee authentieke getuigen, ingewijden en talrijke bronnen in de biografie, zo ook inmiddels vele recensenten en diverse historici beweren het tegendeel: … het is bovenal volgens hen een biografie zonder effectbejag, integer en mooi opgeschreven …    

 

Na negen maanden uit de handel

Uitgeverij Prometheus-Bert Bakker haalde na negen maanden, begin februari 2016, het boek van de markt. Zij vonden de verkoop van 2700 exemplaren tegenvallen. Joop en Jeroen kochten ‘de restanten’ op en ontbonden de overeenkomst met de uitgever, zodat zij hun rechten weer terugkregen. Joop ging door met het geven van voordrachten over de biografie en het leven van zijn moeder.

 

Biografie opnieuw gepubliceerd

Begin januari  2017 werd Bep Voskuijl Producties BV opgericht door Joop en diens echtgenote Ingrid van Wijk-Wolff, met als doel het gedachtegoed van de biografie weer (in welke vorm dan ook) te publiceren.

Op 26 januari 2018 is de biografie opnieuw gepubliceerd. Als nieuwe uitgever, mede-auteur en niet op de laatste plaats als haar jongste zoon, gesterkt door trouwe en loyale vrienden, vond Joop dat de tijd was aangebroken dat dit historische document, waar ruim vijf jaar research aan ten grondslag ligt, een comeback verdiende.

Vlak vóór ‘Holocaust Memorial Day 2018’ en in ‘het jaar van het verzet’ beginnen de helpers Bep en Johan Voskuijl aan die comeback en is de biografie weer in de boekhandel en via alle boekenplatforms verkrijgbaar.

Een Engelse versie is de volgende stap …

OPDAT HUN NAMEN EN DIE VAN AL DIE ANDERE ANONIEME HELPERS NOOIT VERGETEN WORDEN …

 

Waarheidsvinding

Wie verraadde Anne Frank (en alle andere onderduikers)?

De auteurs voegen, zoals al aangegeven, aan de lange lijst van verdachten nog een verdachte toe, de zus van Bep: Nelly Voskuijl. Een bijzonder moeilijke beslissing, meer in het bijzonder voor haar volle neef Joop, maar de schrijvers konden er niet om heen.

Waarheidsvinding is echter van groot belang! Nelly is een verdachte en geen verraadster, totdat het tegendeel is bewezen.
Het verheugt Joop dan ook, dat onder leiding van Vincent Pankoke, een oud FBI-agent, dit onderzoek (The cold case diary) naar de verrader/verraadster ambitieus is heropend.
Met behulp van ‘big data’ zullen computers worden ingezet om alle huidige en nieuwe informatie in relatie tot het verraad te vergelijken en om verbanden te leggen waar mensen anders jaren over zouden doen.

Joop zocht contact met de organisatie, die in Nederland het voortouw heeft genomen inzake de research. De auteurs hebben immers veel onderzoek gedaan en deze bronnen met toelichting stellen zij graag ter beschikking.

Een prompte reactie was het gevolg; zij doen immers ook aan WAARHEIDSVINDING.

De auteurs

Jeroen De Bruyn (1993) studeerde na het middelbaar onderwijs journalistiek en liep stage bij de Anne Frank Stichting. Hij schreef voor het Vlaamse Knack en de Gazet van Antwerpen en werkt bij die laatste krant als eindredacteur.

Joop van Wijk (1949) studeerde HTS-Werktuigbouwkunde, Marketing Management en post-hbo Human Resources Management aan de Universiteit van Utrecht. Na divers projectmanagement bij een natuurkundig laboratorium, werd hij commercieel directeur van een audiovisueel (AV) bedrijf en werd daarna mede- oprichter van het AV bedrijf Creavisie BV. Ad Interim reorganiseerde hij een drietal AV communicatiebedrijven. Als marketingmanager voor twee landelijke kranten (Algemeen Dagblad en NRC- Handelsblad), gaf hij leiding en sturing aan een veranderingsproces om uit twee verkoop- twee marketingorganisaties te vormen.

Na zijn pensioen werd hij co-auteur van de biografie van zijn moeder Bep Voskuijl. In december 2016 richtte hij samen met zijn echtgenote Ingrid van Wijk-Wolff een uitgeverij op: Bep Voskuijl Producties BV.

Recensies

Recensies/reviews zijn welkom op e-mailadres: info@bepvoskuijl.nl

“Bep Voskuijl, het zwijgen voorbij” werd het zwijgen opgelegd …

“Het zwijgen voorbij” van scribenten Jeroen De Bruyn en Joop van Wijk biedt een boeiende kijk in een gezin met onderduikers. Een beroemd onderduiker: Anne Frank. Altijd goed voor veel publiciteit en onenigheden. Hoeveel ruzies zijn er geweest over het dagboek van Anne en hoeveel zijn er nog? Zij werd wereldberoemd. Hoe mooi. De onderduik beschreven door een pienter, onschuldig meisje, met anderen – door dappere verzetsmensen (heel Nederland zat immers in het verzet) – verborgen gehouden voor de Duitse bezetter. Tot de rampzalige dag van de Duitse inval. Laten wij over de rol van de Amsterdamse politie maar zwijgen. Anne overleefde het niet. Zij kwam niet meer terug. De Duitse slechteriken waren ‘het verzet’ te slim af, Anne stierf in de eerste maanden van 1945 aan ziekte of uitputting (waarschijnlijk vlektyfus) in Bergen-Belsen. Een precieze datum valt niet meer te achterhalen.

Haar dagboeken werden via haar vader Otto – in aangepaste vorm – gepubliceerd met de titel “Het Achterhuis”, en daarmee was het hek van de dam. Het werd wereldwijd één van de meest gelezen boeken, er werden films gemaakt, toneelstukken waarbij vaak ‘artistiek en creatief’ met de geschiedenis werd omgesprongen. Melodramatisch amusement. De vervolging in een notendop. Het echte achterhuis werd een obscene toeristenattractie waarvoor buitenlandse bezoekers urenlang in de rij staan om het in hun reisgids te kunnen afstrepen. Zonder internetreservering kom je er helemaal niet meer in. Spannend. Een heus Amsterdams grachtenhuis, een draaibare boekenkast waarachter de Joodse onderduikers zich – in het achterhuis – schuilhielden. ‘Simpe, sampe sompe, Hannes loopt op klompen’. Bezoekers kopen er souvenirs en het boek Het Achterhuis, als aandenken. Of ze het boek ook lezen?

Hoe beklemmend die onderduik was, is voortreffelijk beschreven in “Bep Voskuijl, het zwijgen voorbij”. Binnen de maand april 2015 was het boek al aan een tweede druk toe. Over publiciteit viel niet te klagen. Het is dan ook een mooi boek, waarin veel aandacht wordt besteed aan helpers, die bij het achterhuis betrokken waren waaronder Miep Gies en Bep Voskuijl. Na de oorlog maakte Bep weinig woorden vuil aan haar principiële opstelling gedurende de bezetting. In “Bep Voskuijl, het zwijgen voorbij” maken de Vlaamse journalist Jeroen De Bruyn en Joop van Wijk, jongste zoon van Bep Voskuijl, aannemelijk dat achter die zwijgzaamheid een groot familiedrama schuil ging. De tante van Joop, Nelly Voskuijl, was ‘fout’ in de oorlog.

De Bruyn en Van Wijk hebben ondermeer ontdekt, dat Nelly aantoonbaar en daadwerkelijk collaboreerde met de Duitsers in Frankrijk. Achteraf kon zij daarom wellicht worden toegevoegd aan het lijstje potentiële verraders van de onderduikers. Zeker was dat niet, ook niet voor Bep Voskuijl die de dramatische gebeurtenissen, het verlies van haar dierbare Joodse vrienden, het mogelijke verraad door haar zus, de verdachtmakingen aan het adres van die zus, nooit meer te boven kwam.

Het is een boeiend boek, omdat het achterhuis, en wat daar plaatsvond, postuum wordt bekeken door ogen van volwassenen. Anne’s kindervisie kende andere accenten.

Zoals gezegd, over de schriftjes van Anne Frank is altijd bonje geweest. Na het verschijnen van Het zwijgen voorbij bande de Anne Frank Stichting het boek uit de museumwinkel van het Anne Frankhuis omdat er ‘te veel veronderstellingen over het verraad’ in zouden voorkomen. Echter, gedurende de research en het schrijven ontvingen de auteurs jarenlang steun van diezelfde Stichting. Dat is vreemd. Of dit aanleiding was voor Uitgeverij Prometheus/Bert Bakker om na 9 maanden een goed lopend, prima boek uit de roulatie te nemen, waardoor de auteurs (en het grote publiek) 6 jaar hard werk in rook zagen opgaan is niet bekend. In 2016 haastte de Anne Frank Stichting zich met het uitgeven van een geheel nieuwe verklaring, waarin stond dat er misschien van verraad nooit sprake was geweest. Er zou naar illegale voedselbonnen gezocht zijn. Was het ‘toeval’ dat het achterhuis werd leeggehaald? De ene veronderstelling volgt op de andere.

Joop van Wijk schreef over zijn moeder. Deze zwaar gehavende vrouw verdiende postuum een degelijke, boeiende biografie. Dat werd het. Van een vrouw die – zoals ontelbare lotgenoten – nooit zou genezen van de emotionele averij die zij gedurende de bezettingsjaren en daarna opliep. Zo kwam Joop er ook niet zonder emotionele kleerscheuren vanaf. Mede daarom liet Joop van Wijk het er niet bij zitten. Anne Frank kwam – zoals velen – niet meer terug; zijn wereldberoemde moeder – voor wie de oorlog niet in 1945 eindigde – komt ook niet meer terug. Zijn weggecensureerde boek “Het zwijgen voorbij” waarschijnlijk wel. Dat is maar goed ook, want de tijd waarop het zwijgen kon worden opgelegd is sinds de bevrijding voorbij.

© 2017 Simon Hammelburg (auteur/journalist)

“Bep Voskuijl, het zwijgen voorbij. Een biografie van de jongste helpster van het Achterhuis”.

Ruim 70 jaar na de Tweede Wereldoorlog zijn we -terecht- nog niet uitgepraat over Anne Frank en over wat ze symbolisch heeft betekend, zowel voor de gruwel als voor de kracht waartoe mensen in staat zijn.

De acht Joodse onderduikers in het Achterhuis aan de Prinsengracht in Amsterdam hadden al die oorlogsjaren niet kunnen overleven zonder de belangeloze inzet van een aantal mensen die er hun eigen leven voor op het spel zetten. In ‘Het zwijgen voorbij’ wordt de stilte rond de jongste en meest bescheiden van deze helpers, Bep Voskuijl, doorbroken. Ze werkte als jongste bediende in het bedrijf van Otto Frank en was de minst opgemerkte, maar zeker niet de minst belangrijke van het helpersteam. Anne Frank noemde haar ‘Elli Vossen’ in haar dagboek en beschreef haar als vrolijk en goedgehumeurd, gewillig en goedig.

In 2015 verscheen de opmerkelijke en goed gedocumenteerde biografie ‘Bep Voskuijl, het zwijgen voorbij’, die een nieuw licht werpt op het trieste verhaal van de Joodse onderduikers. De auteurs – Joop van Wijk (1949), Beps’ jongste zoon, en de Vlaamse journalist Jeroen De Bruyn (1993) – ontrafelden samen haar geschiedenis tijdens en na de oorlog. De één deed dat uit liefde en mededogen voor zijn in 1983 overleden moeder, de ander vanuit een fascinatie die hij al vanaf zijn kinderjaren had voor deze bijzondere vrouw die altijd in de schaduw van de anderen heeft gestaan. De twee hebben samen jarenlang aan dit levensverhaal gewerkt en niets aan het toeval overgelaten. Dat resulteerde in een doorwrocht en hartverwarmend boek, dat zowel op menselijk als op geschiedkundig vlak niemand onberoerd zal laten. Bep Voskuijl heeft het verdriet om haar uiteindelijk ‘mislukte opdracht’ nooit kunnen verwerken en dat heeft haar voor de rest van haar leven getekend. Joop van Wijk en Jeroen De Bruyn hebben met deze biografie terecht een postuum monument opgericht voor een fijnbesnaarde, rechtvaardige vrouw die in alle nederigheid een bijdrage wilde leveren aan een betere wereld.

© 2017 Diane Broeckhoven (auteur/journalist)

“Bep Voskuijl, het zwijgen voorbij. Een biografie van de jongste helpster van het achterhuis”.

 

Het klinkt gek, maar de term ‘schuldig landschap’, door Armando gemunt voor de plekken waar in de oorlog de ergste dingen zijn gebeurd, is in mijn beleving vooral van toepassing op de Amsterdamse Watergraafsmeer. Een rustig buurtje waar juist weinig was gebeurd omdat er weinig joden woonden.

Maar een van die joden was mijn vader en de weinige dingen die hij over die periode vertelde, maakten het in mijn jongensogen tot een schuldige buurt. Een foto voor de deur met een Jodenster op. Twee jaar lang ondergedoken. De trein die aan het eind van onze straat voorbij denderde, op weg naar onbekende bestemming. Het geweld van de stoomlocomotief, angstaanjagend.

Ik wist toen niet dat een paar straten verderop iemand woonde die dat geweld moedig had weerstaan. Bep Voskuijl woonde aan het Galileïplantsoen, waar ik speelde in de pauze van mijn lagere school. Bep Voskuijl, een van de helpers van de ondergedoken familie Frank, nog maar een paar jaar tevoren.

Uit de biografie die haar zoon Joop samen met Jeroen De Bruyn schreef, komt zij naar voren als een volstrekt unieke vrouw. Uniek, juist door haar gebrek aan pretentie. Op een foto van haar en de andere helpers kijkt ze als een onopvallende ‘kantoorbediende’ door haar brilletje ernstig en verlegen de lens in. ‘Zij was die mevrouw op de achtergrond,’ zo typeerde een buurjongen haar.

Maar in het achterhuis speelde ze een hoofdrol. ‘Bep harmonieerde op een bijzondere wijze met Anne,’ zei Otto Frank, Annes vader. Hoe ze daarbij haar angst wist te overwinnen, heeft ze toegelicht in een van de zeldzame interviews die ze later heeft gegeven: ‘Het feit dat we bezig waren het juiste te doen, gaf ons een beschermd gevoel.’ Die hele confrontatie op leven en dood met het onvoorstelbare kwaad prachtig en simpel samengevat in één nuchtere zin.

De schrijvers zijn erin geslaagd recht te doen aan die levenshouding van eerlijkheid zonder opsmuk. Het boek is mooi en rustig van stijl geschreven. Nergens komt sentimentaliteit of effectbejag om de hoek kijken. Zowel de zoon als zijn coauteur blijven op gepaste afstand, en dat ‘gepast’ bedoel ik positief.

Met hun boek hebben ze ook het beeld van Amsterdam als schuldig landschap verzacht. Op luchtfoto’s is het achterhuis te zien als een onopvallend gebouw in zomaar een stukje oud Amsterdam. Door het toevallige feit dat Anne er haar dagboek schreef, kennen we nu iedere steen van dat huis en zijn we ook op de hoogte van het uitgebreide netwerk dat hier de onderduik van acht mensen mogelijk maakte: Bep, de andere helpers, hun familie, de leveranciers die de onderduikers van voedsel voorzagen, omwonenden die hun mond hielden.

Het is alsof in dit stukje stad een compleet bewaarde historische nederzetting kan worden blootgelegd, met het achterhuis als centraal punt. Er moeten veel meer van zulke nederzettingen zijn geweest, die we niet kennen. Amsterdam was niet alleen een schuldig landschap, maar ook een landschap van moed en opoffering. Dat inzicht, waaraan de schrijvers met dit boek een bijdrage hebben geleverd, is kostbaar.

© 2017 Herman Vuijsje (auteur en columnist NRC-H)

“Bep Voskuijl, het zwijgen voorbij. Een biografie van de jongste helpster van het Achterhuis”.

 

Ik moet zelf een tiener zijn geweest toen ik “Het Dagboek van Anne Frank” voor het eerst in mijn handen kreeg en las. Dat het een grote indruk op me maakte, is duidelijk. Het verhaal van Anne is me blijven intrigeren en toen ik voor het eerst door het Achterhuis liep, was dat een zeer emotioneel gebeuren.

Maar, mijn hart ging niet alleen uit naar de onderduikers, ook naar hun helpers. Het lijkt, zoveel jaren later een vanzelfsprekendheid om je medemens te helpen, maar de vluchtelingendrama’s die zich vandaag onder onze ogen afspelen en waar velen de schouders voor ophalen, leren anders. Mensen helpen met het gevaar voor eigen leven, is geen vanzelfsprekendheid.

Een jong meisje als Bep, dat zou moeten genieten van het leven en dromen van de toekomst, zette zich dag na dag in om haar Joodse vrienden in leven te houden.

Geen wonder dat het dramatische einde van zoveel jaren inzet haar tekenden voor het leven en daarmee ook een grote impact had op haar kinderen. Zo’n grote impact dat zoon Joop de drang voelde met Jeroen mee te gaan schrijven om haar verhaal in een boek te gieten. Beide auteurs zochten niet naar verdachten van het verraad, maar vonden tot hun verbijstering wel iemand die mogelijk door verraad verantwoordelijk zou kunnen zijn voor dat dramatische einde. Die “verdachte erbij”, zoals dit in de biografie is te lezen, bleek de zus van zijn eigen moeder te zijn. Het was voor Joop ongetwijfeld verre van een evidentie om dit op te schrijven, maar boven alles wilde hij dat de waarheid zou zegevieren.

Ik heb het boek met veel interesse en stijgende verbazing gelezen. Maar, met nog meer verbazing kwam me ter ore dat het verhaal verboden literatuur was geworden. Vanwaar die censuur? Zijn sommigen bang voor de waarheid omdat ze indruist tegen de verhalen die al tientallen jaren voor waar worden aangenomen?

Ik heb ervan op afstand geen duidelijk zicht op, maar wat ik wel weet, is dat ik Joop prijs voor zijn moed en doorzettingsvermogen.

© 2017 Ria Maes, (auteur).

“Bep Voskuijl, het zwijgen voorbij. Een biografie van de jongste helpster van het Achterhuis”.

 

Het originele dagboek van Anne Frank heeft bij mij altijd veel vragen opgeroepen. Op vragen als: “wie?” “waar?” en “waarom?” krijg ik veelal antwoord in “Bep Voskuijl, het zwijgen voorbij”

Ik vind het enorm moedig om deze biografie met compromitterende onderwerpen over je eigen familie uit te brengen. Maar het werpt een nieuw licht op de geschiedenis en de gebeurtenissen in en om het Achterhuis. Dat is waardevol. Het is dan ook mijns inziens onlosmakelijk verbonden aan “het Dagboek van Anne Frank”. Het lijkt zelfs een extra supplement: “Het ontbrekende stukje van …”…

© 2017 Ingeborg Klasens

Meeslepende biografie van de jongste helpster van het Achterhuis.

 

Toen ik onlangs de auteurs bij De Wereld Draait Door zag wist ik meteen, dat ik dit boek wilde lezen. Een goede keus, want zelden heeft een biografie zo’n diepe indruk op me gemaakt als “Bep Voskuijl, het zwijgen voorbij”. De jonge Vlaamse journalist Jeroen De Bruyn is al sinds zijn vroege jeugd gefascineerd door Anne Frank en het Achterhuis aan de Prinsengracht in Amsterdam, waar Anne met haar familie tijdens de Tweede Wereldoorlog ondergedoken zat. Daar werden zij ondersteund door een aantal helpers. Eén van hen was de jonge kantoorbediende Bep Voskuijl. De Bruyn dook in de levensgeschiedenis van deze veelal stille, zwijgende helpster en samen met haar jongste zoon – Joop van Wijk – schreef hij dit belangwekkende boek. Aan de hand van bronnenonderzoek en nieuwe getuigen (onder andere Diny Voskuijl en Bertus Hulsman, Beps verloofde in de oorlog) komen de auteurs met nog niet bekende informatie. “Het zwijgen voorbij is een belangrijke biografie die nieuw licht werpt op de dagelijkse gebeurtenissen die zich hebben afgespeeld in het wereldberoemde Achterhuis. Ik heb deze biografie in één keer ademloos uitgelezen en raad iedere geschiedenisliefhebber aan ditzelfde te doen.

© 2015 Frank Libeer (Recensent bij ECI)

“Bep Voskuijl, het zwijgen voorbij. Een biografie van de jongste helpster van het Achterhuis”.

‘Bep Voskuijl, het zwijgen voorbij’ is een integere biografie die recht doet aan het leven, het karakter en de rol van de helpster wier bijdrage tot nu toe onderbelicht bleef. Het boek is een welverdiende ode aan een jonge vrouw die zich inzet voor de veiligheid en verzorging van haar medemens. Bovendien voegt het een nieuwe, verrassende naam toe aan de lijst van mogelijke verraders van de onderduikers.

‘Het zwijgen voorbij’ is in mijn ogen een uiterst waardevolle aanvulling op het dagboek van Anne Frank en andere publicaties …

© 2017 Hanneke Tinor-Centi  (Literair agent, boekmarketeer en recensent bij HT-C Communicatie en Marketing).

“Bep Voskuijl, het zwijgen voorbij. Een biografie van de jongste helpster van het Achterhuis”

Op 4 augustus 1944, hoewel een zomermaand, de warmste dag moest nog komen, hangt er boven Amsterdam een “donkere grote wolk en is er weinig zon”! De familie Frank, Van Pels en Fritz Pfeffer, acht onderduikers en twee helpers worden gearresteerd in het achterhuis. Mogelijk heeft iemand ze verraden. Ze worden via doorgangskamp Westerbork – de overgrootvader van een oud-leerlinge van mij zo ontdekte ik onlangs was daar ook opgesloten- naar Auschwitz gedeporteerd. Alleen Otto Frank overleeft de kampen, alle andere onderduikers uit het Achterhuis vonden de dood. De genocide, de Jodenvervolging gans in het bijzonder heeft me altijd beziggehouden. De wereld van Anne Frank en haar onderduikers waren daar een aspect van. In de periode 6 juli 1942 tot 4 augustus 1944 hield Anne Frank een dagboek bij, waarin ze onder andere schreef over de angst, haar liefde voor Peter die ook ondergedoken zat in het achterhuis op de Prinsengracht. Heel confronterend. Meermaals bezocht ik, alleen, met mijn zonen en later ook met jongeren, het Anne Frankhuis. In mijn bibliotheek, heb ik een plank vol met boeken over Anne Frank, tot …
enige tijd geleden, kreeg ik het boek “Bep Voskuijl, het zwijgen voorbij”. Een biografie van de jongste helper van het Achterhuis aan, toegestuurd door Joop van Wijk. Bep Voskuijl, met haar negentien, was de jongste kantoorbediende bij het bedrijf Opekta van Otto Frank. Deze integere biografie van Bep Voskuijl – Elli Vossen in het dagboek van Anne Frank – geschreven door Jeroen de Bruyn en Joop van Wijk – de jongste zoon van Bep – is niet alleen een mooi eerbetoon aan de moeder van Joop maar ook een interessant document. Het boek leest vlot, voorzien van vele noten – wat niet onbelangrijk is – en een uitgebreide biografie. Over Bep was tot hiertoe weinig geweten, enerzijds kwam dit door haarzelf. Voor de oorlog was zij een en al optimisme, Anne beschreef haar als: “Vrolijk en goed gehumeurd, gewillig en goedig, dat zijn haar kenmerken”. Na 1945 was dit totaal anders, decennia lang heeft het oppakken van de onderduikers haar leven sterk beïnvloedt, zij meed als het enigszins kon de media. Veel kon zij vertellen maar zweeg!Het trauma was groot, te groot! Joop van Wijk-Voskuijl plaatst zijn moeder in een juist perspectief in heel het gebeuren dat uitvoerig beschreven wordt. Maar daarnaast voegen de auteurs een nieuwe, verrassende naam toe aan de lijst van mogelijke verraders van de onderduikers. Zo wordt de rol van Nelly, de zus van Bep, onderzocht. Zij collaboreerde openlijk met de Nazi’s zijn er volgens de auteurs verschillende aanwijzingen dat Nelly op de hoogte was van het feit dat haar zus Joden hielp. Zo zou ze wel eens gezegd hebben ‘Gaan jullie maar naar jullie Joden toe!’… Later was er een familie versie , nu is er een versie die op feiten berust, over deze samenwerking met de Duitsers. Uitgebreid wordt er uit de doeken gedaan waarom zij misschien de verraadster zou kunnen zijn geweest. Erg interessant om te lezen, sluitend bewijs beweren de twee auteurs niet te hebben, maar volgens hen is er wel voldoende reden om de naam van Nelly Voskuijl toe te voegen aan de lijst verdachten. VERDER ONDERZOEK LIJKT MIJ MEER DAN AANGEWEZEN, HET IS DAN SPIJTIG EN ERG ONBEGRIJPELIJK DAT DE ANNE FRANK STICHTING, DIE TOCH EERDER HAAR MEDEWERKING VERLEEND HEEFT, GEEN AANLEIDING ZIET OM DE VERDENKINGEN TE ONDERSCHRIJVEN OF VERDER TE ONDERZOEKEN. VOOR MIJ ONBEGRIJPELIJK! NADER ONDERZOEK KAN IMMERS ALTIJD LEIDEN TOT ANDERE INZICHTEN.

Heel het gebeuren van toen heeft me altijd bezig gehouden. In november 1993 organiseerde ik als gevolg van mijn blijvende interesse, de tentoonstelling De Wereld van Anne Frank in Aarschot. Toen ze op 19 december werd afgesloten hadden we niet minder dan 13.298 bezoekers over de vloer gehad. Een getal dat nooit door enige organisatie in Aarschot werd gehaald en mogelijk nooit meer zal gehaald worden. Een ploeg van dertig betrokken oud-leerlingen, enkele collega’s en trouwe vrienden maakten het geheel tot een groot succes. Ik kreeg voor het initiatief het Olijfje.

© 2017 De Keulenaer, auteur en historicus

“Ik zal de roem ervan verspreiden !!”

Ik heb onlangs “Bep Voskuijl, het zwijgen voorbij” gelezen en ik heb daar bepaald geen spijt van:

*Bep was iemand die de publiciteit niet zocht; Ik denk dat het boek haar dus bepaald recht doet.

*Wat me ook zal bijblijven is het feit, dat veel meer dan ik me ooit gerealiseerd had, de jammerlijke realiteit dat de onderduik niet tot een goed einde heeft kunnen komen, voor de rest van hun leven gedrukt heeft op allen die er bij betrokken waren. En de paradox dat Anne Frank dan zeker niet het wereldwijde symbool van de Shoah geweest zou zijn.

*Er zijn allerlei zaken die passeerden die me scherper dan voorheen lieten beseffen hoe mensen in het leven staan, en waardoor. Die Duitse officier die de leiding van de arrestatie had, bijvoorbeeld, en vond dat hij eigenlijk pech had door de wereldwijde publicatie van het Dagboek. Hij heeft een imago van correctheid maar dat wordt in de biografie gelukkig fijntjes gefileerd.

*En dan de gotspe van de ontkenning van de Shoah, nota bene door wetenschappers van naam, bij zo’n stortvloed aan bewijs. De wereld heeft de waanzin nog niet afgeleerd.

*Ik vind, maar dat is eigenlijk bijzaak, het boek ook geschreven in heel soepele taal. Het leest heerlijk, als dat al een woord zou zijn, dat bij het onderwerp past. En de prachtige uitvoering van het boek …
Ik zal de roem ervan verspreiden!!

© 2017 van Ballegooijen, historicus

Bep Voskuijl, het zwijgen voorbij. Een biografie van de jongste helpster van het Achterhuis.

 

Anne Frank; de mensen bij wie er geen belletje gaat rinkelen, bij het horen van deze naam, zullen op één hand te tellen zijn. Ze schreef tijdens de onderduikperiode met de intentie om ná de oorlog een boek te publiceren, gebaseerd op haar dagboek. In eerste instantie schreef ze voor zichzelf, totdat ze op radio Oranje een toespraak hoorde van de minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen. Deze wilde dat alles wat zou kunnen getuigen van het lijden onder de Duitse bezetting, na de oorlog verzameld en openbaar gemaakt zou worden, waarbij hij ook dagboeken opnoemde. Dat bleek voor Anne de drijfveer om te schrijven.

Het boek is er inderdaad gekomen, als ‘Het Achterhuis’, maar zelf heeft ze dat niet meer mee mogen maken.

En dan draag je ineens zorg voor onderduikers

De biografie waar het in dit geval om gaat is het verhaal van en over Bep Voskuijl (1919 – 1983). Zij was de jongste van de helpers die ervoor hebben gezorgd dat de acht leden van de gezinnen Frank en Van Pels, konden onderduiken in het achterhuis van het bedrijfspand van de firma Pectacon, waar Otto Frank directeur van was. Bep werd door Anne in haar dagboek ‘Elli Vossen’ genoemd, omdat ze voor alle personen waar ze over schreef, een pseudoniem bedacht.

De vrolijke Bep was de oudste van de acht kinderen in het gezin Voskuijl en voor de jongste kinderen moest ze de zorg op zich nemen. Ze was eenentwintig toen de oorlog begon en als werknemer van het bedrijf van Frank werd ze ingelicht over de onderduikplannen. Dat was het begin van de ruim twee jaar die zeer ingrijpend voor haar zijn geweest. Haar zware taak was om er, ondanks alle risico’s en dreigementen van de Duitsers, voor te zorgen dat voedsel voor de onderduikers verzameld werd en ze bezocht de onderduikers dan ook regelmatig. Vooral Anne was erg op haar gesteld en wilde alles weten wat er buiten gebeurde.

Ook de vader van Bep, Johan Voskuijl, was werkzaam binnen het bedrijf en werd ingeschakeld om hulp te bieden. Johan was degene die ervoor heeft gezorgd dat de boekenkast werd gemaakt en geplaatst. Bep en Johan hebben de andere gezinsleden nooit in vertrouwen genomen over de onderduikers.

Zus Nelly

Een riskante factor was Nelly, het zusje van Bep, die meerdere Duitse nazi-vriendjes had. Het vermoeden bestaat dat Nelly wist van de onderduik op de Prinsengracht. Haar relatie met de andere gezinsleden kwam hierdoor danig onder spanning te staan. Na de oorlog rees zelfs de vraag of Nelly mogelijk een aandeel heeft gehad in de arrestatie van de de ondergedoken gezinnen.

Wanneer de Gestapo, op 4 augustus 1944, de onderduikers heeft weggevoerd en hun spullen door de verhuiswagen zijn opgehaald, bleken de vellen papier die Anne had volgeschreven, nog in het achterhuis te liggen. Bep en Mies Gies hebben ze verzameld en verborgen. Naderhand, toen bleek dat Anne niet meer terug zou keren, heeft Miep het aan Otto Frank overhandigd.

Na de oorlog

De vrolijke Bep werd na de oorlog een echte binnenvetter. Haar eigen oorlog bleef maar voortduren. Ze sprak liever niet over de verschrikkelijke gebeurtenissen en het gevoel van machteloosheid die ze niet heeft kunnen verwerken. Toch heeft ze haar zoon Joop uiteindelijk wel in vertrouwen kunnen nemen, maar wat er allemaal in haar hoofd spookte, is niet bekend. Dat heeft ze nooit met iemand kunnen delen.

Johan Voskuijl, die leed aan maagkanker, is na de bevrijding overleden. Door het gebrek aan voeding is de tumor gedurende de oorlog niet verder gegroeid, maar woekerde ineens ongeremd door toen er weer voedsel van goed kwaliteit voorhanden was.

Deze biografie geeft niet slechts de oorlogsperiode weer, maar vertelt ook van de tijden erna. Over de vele interviews die Bep heeft gehad en de jaren dat ze bleef corresponderen met Otto Frank. Hoe is het Bep verder vergaan? Is het haar gelukt om de afschuwelijke ervaringen uiteindelijk een plekje kunnen geven?

Conclusie

Met deze indringende biografie heb ik een zeer integer verhaal gelezen. Het feit dat Joop van Wijk de zoon is van Bep, wordt nergens gebruikt om ermee te koketteren dat zijn, toen nog jonge, moeder in de oorlog zoveel inzet heeft getoond om zorg te dragen voor de hulp aan de familie Frank.

De auteurs hebben niet geschuwd om tevens de precaire zaken, die nog steeds heel gevoelig liggen binnen de familie, te onderzoeken en te beschrijven. Het verdient respect wanneer je alles durft te bespreken, zeker wanneer het zoveel lading heeft binnen een familie.

De uitgebreide lijst met noten die verwijzen naar allerlei onderzoeksmateriaal, brieven, nieuwe getuigen, gesprekken, verslagen van interviews, documentatie van de Anne Frank Stichting ed, duiden op gedegen en uitvoerig onderzoek. Daarvan getuigt ook de lange lijst met websites, correspondenten en bronnen die geraadpleegd zijn.

Vijf jaar zijn de auteurs bezig geweest met de totstandkoming van deze biografie.

Lees dit boek!!! Het laat de andere kant zien van Het Achterhuis.

© 2018 Truusje Truffel. (Recensent blog “Met de neus in de boeken”).

Bep Voskuijl. Het Zwijgen voorbij
Een biografie van de jongste helpster van het Achterhuis.

Bespreking: Bep Voskuijl was met haar 23 jaar de jongste kantoorbediende in het bedrijf van Otto Frank, de firma Opekta, gevestigd aan de Prinsengracht 263 in Amsterdam toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak. In juli 1942 besloot Otto Frank met zijn gezin onder te duiken om de Jodenrazzia’s te ontlopen. Samen met de familie van Pels en Fritz Pfeffer verborg het gezin Frank zich in het achterliggend pand dat later bekend zou worden als het Achterhuis door de dagboeken van zijn dochter Anne Frank. Bep’s vader Johan die eveneens in dienst was bij het bedrijf, maakte de scharnierende boekenkast die toegang verschafte tot de onderduikruimte. Voor voedsel en andere benodigdheden waren de ondergedoken families afhankelijk van hulp van buitenaf. Het kantoorpersoneel had zonder aarzelen deze taak voor zijn rekening genomen. Onder hen waren Victor Kugler en Miep Gies. Maar ook de jonge Bep Voskuijl hielp actief mee. Zij zorgde o.a. voor voedsel en voorzag de jonge onderduikers van schriftelijke studies van de LOI.

Joop van Wijk-Voskuijl, haar zoon, schreef samen met Jeroen De Bruyn een boeiende biografie over zijn moeder, uitgebracht onder de titel ‘Bep Voskuijl. Het zwijgen voorbij.’ Dit boek dat opnieuw is verschenen, maar nu in eigen beheer, is een opmerkelijke biografie vanwege de diverse lagen die het boek bevat. Allereerst geven de auteur vanzelfsprekend de levensbeschrijving van Bep Voskuijl. Bep was het eerste van de acht kinderen dat het strenge gezin Voskuijl rijk zou zijn. Ze wilde graag studeren, maar in een groot gezin was iedere hulp hard nodig. Als oudste moest zij zorgen voor haar jongste zusjes. Maar op oudere leeftijd slaagde ze er toch in om een avondopleiding bij Schoevers te volgen en toen Opekta een kantoorbediende vroeg, solliciteerde Bep en werd ze aangenomen. Van het gezin Voskuijl zaten alleen Bep en haar vader in het verzet. Later zou Bep verklaren dat wat ze gedaan hadden in die bezettingsjaren op zich niets bijzonders was geweest, vele mensen boden hulp. Ze vond het gewoon menselijk om anderen die leden onder de oorlog te helpen. Haar moeder kwam pas na de oorlog erachter dat zij de onderduikers in het Achterhuis geholpen hadden.

Naast deze beschrijving met ruim aandacht voor de periode van de onderduik, staan de auteurs uiteraard ook stil bij de gebeurtenissen rondom Anne’s dagboeken die gevonden werden door Miep Gies en Bep. In tegenstelling dat wat altijd verondersteld werd, namelijk dat de dagboeken op één dag waren gevonden, blijkt het een proces van een paar dagen te zijn geweest. De auteurs bespreken ook breedvoerig de aandacht die voor de geschriften kwam, vooral uit het buitenland en hoe de voormalige helpers hiermee omgingen. Daaruit komt duidelijk naar voren hoe de oorlog zijn sporen had achtergelaten op de helpers. Nog altijd hamerden de woorden ‘Wo sind die Juden?’  die SS-Hauptscharführer Karl Josef Siberbauer uitriep bij de inval aan de Prinsengracht in haar hoofd, ondanks dat ze de oorlog zoveel mogelijk verdrongen had om met haar eigen leven door te kunnen gaan. De helpers hadden niet alleen grote moeite met de arrestatie van de familie, – het gevoel gefaald te hebben woog zwaar bij hen na de oorlog – maar ook het nieuws over de dood van Anne en haar zus Margot – gestorven aan tyfus in het concentratiekamp – kwam bij de helpers hard aan.‘Het is [….] hartverscheurend dat wij het niet tot een happy endhebben kunnen brengen,’ aldus Bep.

Door de openbaarheid van de dagboeken vroegen journalisten de helpers herhaaldelijk om interviews. Bep was niet echt gecharmeerd van al die aandacht, ze had hier grote moeite mee, omdat de herinneringen aan die noodlottige periode daardoor regelmatig terugkeerden. Sommige interviewers stond Bep wel te woord, maar het merendeel niet. Enige rol van betekenis zou ook Nelly, haar zus, daarin gespeeld kunnen hebben. Het is een bekend feit dat de ondergedoken families in het achterhuis opgepakt konden worden door verraad, maar wie de verrader was, daarover zijn de vele meningen nog altijd verdeeld. Van Wijk-Voskuijl en De Bruyn bekennen eerlijk dat deze onderduik allerminst perfect was verlopen en dat er zeker fouten zijn gemaakt. De lijst met mogelijke verraders is lang, hoewel algemeen wordt tegenwoordig aangenomen, onder meer door de verklaring van Silberbauer, dat een vrouw via de telefoon de SD getipt heeft. Dat in ogenschouw nemend doemt er een nieuwe verdachte op: Nelly. Een pijnlijke ontdekking voor Joop van Wijk-Voskuijl.

Bijzonder is dat beide auteurs met dit boek transparantie nastreven en daar hoort kritisch kijken naar eigen familie ook bij, vindt Joop van Wijk-Voskuijl. Dat vergt moed, want er zijn aanwijzingen die neigen in de richting van zijn tante. Tijdens de oorlog had Nelly veelvuldig contact met de Duitsers en werkte ze in 1943 een tijd op een militaire nazivliegbasis in Frankrijk. Tijdens een heftige woordenwisseling maakte ze ook nog eens Bep en hun vader een verwijt: ‘Gaan jullie maar naar de Joden’.  Via onderzoek hebben Van Wijk-Voskuijl en De Bruyn hebben via onderzoek geprobeerd het definitieve antwoord te vinden of Nelly nu wel of niet schuldig was. Helaas hebben ze geen uitsluitsel kunnen vinden. Ondertussen is wereldkundig gemaakt dat een voormalig FBI-agent is begonnen aan een poging tot oplossen van deze coldcase.

‘Bep Voskuijl. Het zwijgen voorbij.’ is een zorgvuldig opgesteld verslag zonder verwijten of vingerwijzen naar veronderstelde daders. Uit de dagboeken bleek dat Anne erg gesteld was op Bep en ook Bep heeft zich altijd positief uitgelaten over de onderduikers.
‘Ik heb grote bewondering voor die mensen, hoe ze in die omstandigheden toch met elkaar leefden,’ zei ze eens tegen haar zoon. Er waren immers spanningen door de hoeveelheid mensen in een betrekkelijke kleine ruimte en dikwijls waren de helpers bang dat de onderduikers de moed zouden verliezen, omdat het einde van de oorlog maar niet kwam. Dit vlot geschreven boek zal voor veel lezers die onder de indruk waren van ‘Het Achterhuis’ van Anne Frank een aantrekkelijke aanvulling zijn.

© 2018 Annabel Junge. (Auteur en recensent Oorlogsboekenreviews)

Beoordeling: X X X X Zeer goed

Fotoboek

1937

Bep Voskuijl op de waranda van haar ouderlijk huis in Amsterdam-west.

1937

Bep Voskuijl in het jaar waarin ze aangenomen werd bij Opecta door Otto Frank en Miep Gies.

1939

Bep Voskuijl met Johan Voskuijl, haar vader.

1942

Johan Voskuijl, in het jaar waarin hij de draaibare boekenkast timmerde. Hij was destijds al ernstig ziek.

1946

Bep Voskuijl op een terrasje, verliefd op Cor van Wijk

1946

Bep Voskuijl, met Rie van Wijk haar vriendin (en later haar schoonzus), bij wie ze onderdook direct na de inval in het Achterhuis op 4 augustus 1944.

2012

Diny Voskuijl (80 jaar), de jongste zus van Bep, een authentieke getuige in de biografie.

2014

Bertus Hulsman (95 jaar), de verloofde van Bep in de oorlog, een authentieke getuige in de biografie.

2014

Kleinzoon van Johan Voskuijl – Joop van Wijk bij de draaibare legendarische boekenkast.

2016

Voordracht op 29 mei 2016, door Joop van Wijk over de biografie. Links voorin Bertus Hulsman (98 jaar).

2017

Voordracht op 6 mei 2017, door Joop van Wijk op de 34e sterfdag van zijn moeder.